|
Prothese op wortel
Welke voordelen
biedt een overkappingsprothese t.o.v. een "gewoon"
kunstgebit?
De meeste
problemen met een kunstgebit ontstaan door het slinken van
de kaken. Omdat het kunstgebit steeds even groot blijft,
ontstaat er ruimte tussen het kunstgebit en de kaak. Het
kunstgebit zal dus op den duur steeds losser gaan zitten.
Dit slinken van de kaken kan voor een groot deel worden
voorkomen wanneer enige wortels van tanden of kiezen in de
kaken behouden blijven. Deze wortels werken als een soort
pijlers onder het kunstgebit. De druk ten gevolge van het
kauwen wordt bij een "gewoon" kunstgebit alleen door de
tandeloze kaken opgevangen. Bij een overkappingsprothese
wordt die druk voor een belangrijk deel opgevangen door de
pijlers onder het kunstgebit. Het gevolg hiervan is dat het
slinken van de kaken veel minder snel gaat. Bovendien heeft
het kunstgebit door de pijlers meer houvast en steun.
Voorbehandelingen
Voordat de
overkappingsprothese kan worden gemaakt, moeten meestal een
aantal voorbehandelingen worden uitgevoerd.
1. Het uitkiezen
van de pijlers: De tandarts bekijkt eerst welke wortels van
uw tanden of kiezen het best zijn te gebruiken als pijlers
onder de overkappingsprothese. In veel gevallen zijn dit de
wortels van de hoektanden.
2. Het trekken van
de kiezen: De volgende stap is meestal dat uw tandarts de
kiezen gaat trekken die niet worden gebruikt als pijlers.
Let wel: de tanden blijven dus voorlopig nog staan! Daarna
krijgen de wonden enige tijd gelegenheid om te genezen.
De voorbehandeling
van de pijlers
De tanden of
kiezen waarvan de wortels als pijlers voor de
overkappingsprothese behouden blijven, krijgen meestal een
voorbehandeling. Elke wortel heeft binnenin een holte die
moet worden gereinigd en gevuld. Dit voorkomt dat er later
ontstekingen aan de wortels kunnen ontstaan.
Het vervaardigen
van de overkappingsprothese
Uw tandarts kan er
voor kiezen de overkappingsprothese door een tandprotheticus
te laten vervaardigen. De tandarts verwijst u dan naar een
tandprotheticus waar hij mee samenwerkt. De tandprotheticus
zal dan o.a. de afdrukken
maken, het zogenaamde "happen" en de verdere behandeling
verrichten. Waarbij zeer goed gekeken wordt naar de kleur,
stand en vorm van de kunsttanden. Als u tevreden bent over
de kleur, de vorm en de stand van uw eigen tanden, zal men
proberen dat na te maken. Als u juist niet tevreden bent,
zal de tandprotheticus u hierin advies geven en hij zal
proberen zoveel mogelijk met uw wensen rekening te houden.
Voordat de
tandprotheticus kan beginnen met het aanmeten van de
overkappingsprothese,worden de tanden en kiezen die als
pijlers voor de overkappingsprothese gaan fungeren, tot
juist boven het tandvlees afgeslepen. Wat overblijft van
zo'n tand of kies is dus eigenlijk alleen de wortel. Het
voorbehandelde kanaal wordt afgesloten met een vulling.
Wennen aan de
overkappingsprothese
Waarschijnlijk
wordt de overkappingsprothese geplaatst nadat de rest van uw
tanden en/of kiezen zijn getrokken. Het voordeel van het
direct plaatsen is dat de overkappingsprothese als een soort
verband op de wonden zit. U hoeft dus niet bang te zijn dat
u enige tijd zonder tanden zult zitten. Pas na de eerste dag
mag het kunstgebit uit uw mond. Afhankelijk van wat u heeft
afgesproken, doet de tandarts/kaakchirurg dat, of doet u het
zelf. Als u het zelf mag doen, wees dan voorzichtig. Spoel
het kunstgebit af en borstel het schoon. Reinig uw mond
voorzichtig door te spoelen met lauw water waarin u
eventueel een beetje zout doet. U kunt daarvoor ook een bij
de drogist verkrijgbaar spoelmiddel gebruiken. Spoelen met
lauwe kamillethee kan ook heel goed.
Als de wonden
beginnen te genezen zal de pijn verminderen en kunt u
langzaam gaan wennen aan uw eerste kunstgebit. Dat vraagt
tijd. Het gaat bij de een veel sneller dan bij de ander.
Het eten
De eerste tijd
zult u bij het eten misschien pijn hebben. Daar kunt u iets
aan doen door alleen zacht en makkelijk voedsel te eten,
bijvoorbeeld puree, gehakt of zacht fruit. Later kunt u
langzaam harder voedsel proberen.
Praten
In het begin praat
u wat onwennig. U slist bijvoorbeeld, bepaalde klanken
kunnen anders zijn. Dat komt omdat uw mond nog moet wennen
aan het kunstgebit. Oefenen helpt door bijvoorbeeld hardop
de krant te lezen . De problemen met het praten gaan meestal
vanzelf over.
Slapen met of
zonder kunstgebit
Uw kaken hebben
een tijdje nodig om te wennen aan het kunstgebit. De eerste
week moet u het 's nachts dan ook niet uitdoen. Daarna is
het juist beter om het voor het slapen wel uit te doen. Op
die manier krijgen uw kaken de nodige rust. Misschien vindt
u een mond zonder tanden en kiezen niet zo'n prettig idee.
Doet u dan alleen het ondergebit uit. Als u het kunstgebit
niet draagt, kunt u het bewaren in een glas of bakje met
water eventueel met een vloeibaar reinigingsmiddel. Deze
reinigingsmiddelen zijn verkrijgbaar bij uw tandprotheticus
de drogist of apotheek.
Controle van de
prothese en de mondholte
De eerste tijd kan
het kunstgebit ergens klemmen en pijn doen. Dat is heel
normaal. Ga er wel mee naar uw tandprotheticus.
Hij kan er namelijk iets aan doen. Ook als het na zo'n
eerste correctie nog niet ideaal is, ga gerust terug. Na
verloop van tijd zult u het gevoel hebben dat uw kunstgebit
losser is gaan zitten. Doordat de wonden zijn genezen, zijn
de kaken iets geslonken en is er ruimte ontstaan tussen de
kaak en het gebit. Probeer niet het
euvel zelf te verhelpen met kleefpasta of andere middelen.
Uw tandprotheticus zal meestal het kunstgebit in de
onderkaak, maar soms ook het kunstgebit in de bovenkaak, na
verloop van tijd moeten aanpassen. Bij alles wat niet in de
haak is met uw kunstgebit is de beste oplossing naar uw
tandprotheticus te gaan. Hij weet precies wat er aan de hand
kan zijn en wat hieraan gedaan moet worden. Geleidelijk
zullen uw kaken nog verder slinken. Uw kunstgebit zal daarom
van tijd tot tijd moeten worden aangepast. In veel gevallen
is het nodig om na enige tijd een geheel nieuwe kunstgebit
te vervaardigen. Om die reden is het verstandig minstens
eens in de twee jaar naar uw tandprotheticus terug te gaan
voor controle. Verder is het noodzakelijk dat u net als
iedereen die nog eigen tanden en kiezen heeft, eenmaal per
halfjaar voor controle naar uw tandarts gaat. Hij
controleert dan de pijlers en uw kaken.
Reinigen van de
overkappingsprothese en de pijlers
Zodra u uw
overkappingsprothese mag uitdoen, moet u uw
overkappingsprothese en vooral de pijlers, na elke maaltijd
en voor het slapen gaan, goed schoonmaken. U poetst de
pijlers en het tandvlees het beste met een zachte
tandenborstel en fluoride tandpasta. De overkappingsprothese
kunt u het beste reinigen met behulp van een speciale
protheseborstel en water en zeep of een speciaal (vloeibaar)
prothese reinigingsmiddel. Geen tandpasta gebruiken, dit
schuurt teveel. Een schoon kunstgebit moet altijd glad
aanvoelen. Het gebruik van bruismiddelen is af te raden.
Reinigingsmiddelen voor een kunstgebit zijn in elke
drogisterij en apotheek te koop, de tandprotheticus zal u
hierover voorlichten. Leg het kunstgebit nooit in heet water
en gebruik zeker geen bleekwater of schuurmiddelen. Let goed
op dat bij het schoonmaken het gladde kunstgebit niet uit uw
handen glipt en kapot valt. Laat voor de zekerheid water in
de wasbak lopen en maak het kunstgebit schoon boven het
water.
Extra
voorzieningen
Het is mogelijk
dat na verloop van tijd blijkt dat uw overkappings-prothese
minder houvast heeft dan u had verwacht. Om het houvast te
vergroten, is het meestal mogelijk dat uw tandarts extra
voorzieningen in de vorm van drukknopjes aanbrengt in de
pijlers en dat de tandprotheticus het kunstgebit hierop
aanpast. Een andere, maar veel duurdere mogelijkheid is dat
uw tandarts op de wortels gouden kapjes maakt, die door een
staafje met elkaar worden verbonden. In het kunstgebit
brengt de tandprotheticus een huls aan die precies over dit
staafje past.
Hierdoor kan het kunstgebit als het ware worden vast
geklikt. Dit systeem kan, net als de drukknopjes, het
houvast van de overkappingsprothese aanzienlijk vergroten.
In beide gevallen moet soms een geheel nieuwe
overkappingsprothese worden gemaakt.
Gemakkelijke
overgang naar een "gewoon" kunstgebit
Een
overkappingsprothese heeft in principe dezelfde vorm en
afmetingen als een "gewoon" kunstgebit. Daarom kan de
overkappingsprothese, als de pijlers onverhoopt toch
verloren gaan, door middel van een kleine aanpassing
eenvoudig worden veranderd in een gewoon kunstgebit. U hoeft
dan niet zo lang te wennen aan dit aangepaste kunstgebit
omdat er eigenlijk weinig is veranderd en het kunstgebit nog
steeds vertrouwd aanvoelt.
|
Behandelplan
Dit behandelplan
is er op gebaseerd als er geen extra voorzieningen zijn
getroffen, anders wijkt het iets af.
Afspraak 1. Intake
gesprek
Uw persoonlijke
gegevens, uw medicijngebruik en gegevens over uw gezondheid
worden genoteerd. De situatie in uw mond wordt bekeken en
besproken. Bent u verwezen door uw tandarts dan volgen
direct afspraken voor vervaardiging van de prothese. Dient u
nog door uw tandarts gezien te worden dan volgt een
verwijzing naar uw tandarts.
Afspraak 2. Het
uitkiezen van de pijlers en het trekken van de kiezen
Er wordt
zorgvuldig gekeken welke wortels van uw tanden en kiezen het
beste zijn te gebruiken als pijlers onder de
overkappingsprothese. De volgende stap is meestal dat de
tandarts/kaakchirurg de kiezen gaat trekken die niet worden
gebruikt als pijlers. De tanden of kiezen die als pijlers
worden gebruikt, krijgen een voorbehandeling. Een holte in
de
wortel wordt
gereinigd en gevuld.
Afspraak 3. Eerste
afdrukken
Er worden
proefafdrukken van uw beide kaakdelen gemaakt. (happen).
Afspraak 4.
Definitieve afdrukken (indien nodig) Indien nodig worden
tweede afdrukken van uw kaakdelen gemaakt om op deze wijze
een goede pasvorm van de prothese te kunnen bereiken.
Afspraak 5.
Beetbepaling
Bepaald wordt hoe
de kiezen op elkaar moeten komen te staan. Tijdens deze
zitting wordt er gekeken naar de kleur van de tanden en
kiezen die in het nieuwe kunstgebit komen te staan.
Afspraak 6.
Proefprothese
De kiezen staan op
een los plaatje om te zien of deze elkaar in de mond op de
juiste manier raken. In deze fase staan ook de voortanden op
uw gipsmodel, echter deze kunnen niet in de mond gepast
worden. Wel kunt u kijken hoe het resultaat gaat worden en
of u de gebruikte tanden mooi vindt. Soms zijn wel alle
tanden en kiezen al uit de mond, dan kan de proefprothese
wel volledig in de mond en kunt u het gehele resultaat zien.
Afspraak 7. Tanden
trekken en prothese plaatsen
De prothese is
klaar u wordt verdoofd en de laatste tanden/kiezen worden
getrokken. Direct na het trekken wordt de prothese
geplaatst.
Afspraak 8.
Controle
Vaak komt u na 24
uur terug bij de tandarts/kaakchirurg om de prothese uit de
mond te halen. De tandarts/kaakchirurg controleert of alles
in de mond in orde is
Afspraak 9.
Nacontrole
Er zullen enkele
nacontroles volgen om het verloop van slinken van de kaken
in de gaten te houden. Indien nodig wordt de prothese tijdig
aangepast. Tevens moet u elk half jaar voor controle naar de
tandarts. Hij controleert dan de pijlers en uw kaken. |